Pleasen: De Aap op je schouder

In het Uffizi in Florence bleef ik onverwacht staan bij een schilderij van Carracci.
Een man met een aap op zijn schouder. De man lacht, alsof het erbij hoort.
Alsof hij nauwelijks merkt dat het dier hem vasthoudt.

Ik moest er vandaag opnieuw aan denken tijdens een intakegesprek.

Een man vertelde hoe hij steeds ongevraagd helpt, overal inspringt, grenzen slecht aanvoelt en in contact soms te ver gaat. Niet vanuit slechte intenties, eerder vanuit een bijna automatische behoefte om aardig, behulpzaam en betrokken te zijn. Maar juist dat begint hem nu serieus op te breken. Op zijn werk zijn er eerder waarschuwingen geweest. Nu is de situatie verder geëscaleerd. Ook thuis zorgt het voor spanning.

Wat mij opviel was hoe lastig het voor hem was om werkelijk stil te staan bij de vraag:
wat drijft mij hier eigenlijk écht? Want mensen doen dit soort dingen zelden zomaar. Onder  pleasen, “te behulpzaam”, “te aanwezig” of “grenzen niet aanvoelen” zit vaak iets anders:
de behoefte om gewaardeerd te worden, erbij te horen, belangrijk te zijn, afwijzing te voorkomen, of de leegte niet te hoeven voelen die ontstaat als je níet nodig bent.

En precies daar moest ik aan denken bij dat schilderij van Carracci.

Soms dragen wij patronen zo lang met ons mee dat ze vertrouwd gaan voelen.
Ze lijken bijna samen te vallen met wie we zijn. Totdat je ontdekt:
misschien draag ik dit patroon niet alleen…
misschien draagt het míj.

En op dat kantelpunt kan echte ontwikkeling beginnen.
Niet bij schuld of schaamte.
Maar bij het eerlijk durven kijken naar de eigen drijfveren onder gedrag.

Dat vraagt moed.
Meer moed dan jezelf blijven verdedigen.

Welke patronen voelen voor jou inmiddels zo vertrouwd dat je nauwelijks nog merkt dat ze op jouw schouder zitten?

Laat mij contact met je opnemen

Van Pasen naar de tussentijd

Over wat er begint ná het nieuwe begin

Pasen ligt net achter ons. Het feest van nieuw leven. Van opstanding. Van een nieuw begin. Maar in mijn praktijk zie ik ook iets anders.

Voor veel mensen begint het daar pas. Niet het nieuwe leven zelf, maar de fase erna. De fase waarin het oude losgelaten is, maar het nieuwe nog geen vorm heeft.

Ik noem dat de tussentijd.

Het moment ná het masker

We kijken vaak naar verandering in duidelijke momenten:
een besluit, een afscheid, een nieuwe baan, een doorbraak. Maar wat er tussen die momenten gebeurt, krijgt nauwelijks aandacht.

De periode waarin:

  • je oude werk niet meer past
  • een rol verschuift of zwaarder wordt
  • zekerheden verdwijnen
  • en het nieuwe nog niet tastbaar is

Waar het beeld van carnaval – vasten – Pasen helpt om deze beweging te begrijpen, zie ik in mijn praktijk dat juist die middelste fase doorslaggevend is.

Niet als voorbereiding maar als een fase met een eigen betekenis.

Een voorbeeld uit mijn praktijk

Een schoolleider met wie ik werk zit midden in zo’n fase. De afgelopen jaren waren onrustig: wisselingen in de directie, personele spanningen, bezuinigingen. Zes mensen uit de schoolleiding vertrokken. En komend jaar wordt de structuur opnieuw veranderd: minder leidinggevenden, maar met zwaardere verantwoordelijkheden.

Zijn vragen waren herkenbaar:

  • Blijf ik dit doen?
  • Zet ik nog een stap richting eindverantwoordelijkheid?
  • Of zoek ik iets anders, meer inhoudelijk?

Aan de buitenkant lijkt dat een loopbaanvraag. Maar in de praktijk bleek het iets anders.

Door stil te staan bij zijn biografie en de lijn in zijn ontwikkeling, werd zichtbaar wat er werkelijk speelde: niet de vraag wat moet ik doen?, maar hoe neem ik positie?

Het ging uiteindelijk niet over ander werk maar over:

  • steviger staan in zijn rol
  • vertrouwen op zijn eigen oordeel
  • zich minder laten intimideren door dominante collega’s

Niet weg uit de situatie, maar anders aanwezig zijn erin.

De neiging om te snel door te willen

De meeste mensen willen uit zo’n fase zo snel mogelijk een antwoord. Logisch. Het voelt ongemakkelijk.

Je weet minder zeker wie je bent.
Je oude manieren werken niet meer vanzelf.
De druk van buiten neemt juist toe.

Dus ga je zoeken:

  • naar oplossingen
  • naar nieuw werk
  • naar houvast

En precies daar gaat het vaak mis.

Als je deze fase overslaat, neem je jezelf niet mee in je volgende stap.
Dan verandert de context, maar niet jouw manier van aanwezig zijn.

De functie van de tussentijd

De tussentijd vraagt iets anders. Geen actie, maar vertraging.
Geen snelle antwoorden, maar het uithouden van het niet-weten.

Dat is geen lege fase.
Het is een fase waarin:

  • oude identificaties loskomen
  • onderliggende patronen zichtbaar worden
  • niet-geleefde kwaliteiten zich aandienen
  • en nieuwe richting zich van binnenuit begint te vormen

Niet omdat je het bedenkt maar omdat je er ruimte voor maakt.

In mijn praktijk

In mijn werk bij Bureau de Poort begeleid ik mensen juist in deze fase.

Niet om zo snel mogelijk een oplossing te vinden,
maar om deze periode vruchtbaar te maken.

Dat vraagt:

  • vertragen waar je wilt versnellen
  • kijken waar je wilt oplossen
  • voelen waar je wilt begrijpen

En vooral:
de bereidheid om ook een tijdje ‘niet te weten’.

Pasen is geen eindpunt

Als Pasen ergens voor staat, dan is het niet alleen het nieuwe leven zelf.
Maar ook de weg ernaartoe. En misschien nog wel belangrijker:
de bereidheid om eerst door die leegte te gaan.

Niet als tussenstation.
Maar als wezenlijk onderdeel van verandering.

Herken je dat je in zo’n fase zit?
Dat het oude niet meer klopt, maar het nieuwe zich nog niet laat grijpen?

Dan zit je niet vast.
Dan zit je in de tussentijd.

En daar begint het echte werk.

Laat mij contact met je opnemen

What Makes You Come Alive?

Veel mensen zoeken in hun werk naar betekenis: Wat kan ik bijdragen? Wat heeft de wereld nodig van mij? Maar echte vervulling begint niet buiten jezelf — die begint bij wat jou levend maakt. Als coach ontmoet ik vaak mensen die vastlopen in ‘moeten’ en verwachtingen. In deze blog deel ik een ervaring uit mijn praktijk over hoe de omslag van doen wat hoort naar leven wat klopt kan zorgen voor nieuwe energie, werkplezier en richting.

“Don’t ask what the world needs.
Ask what makes you come alive and go do it.”

Howard Thurman (1899–1981)

Deze woorden van Howard Thurman kwamen opnieuw bij me boven tijdens een coachgesprek dat ik onlangs voerde. Mijn coachee was druk bezig met nadenken over wat de wereld van hem nodig had en liep daarin vast.

Een herkenbaar patroon. Veel mensen die voor een eerste gesprek over hun loopbaan of zingeving bij me komen, stellen vragen als: Wat kan ik betekenen? Hoe kan ik mijn kwaliteiten beter inzetten? Wat heeft de wereld eigenlijk aan mij?

Goede, maar ook grote vragen. En vaak beginnen we dan in de buitenwereld. Logisch, want werk speelt zich daar af. Toch ligt de sleutel niet buiten, maar binnenin.

De omkering: van buiten naar binnen

Thurman wijst op een fundamentele omkering: het begint niet bij wat de wereld van jou nodig heeft, maar bij datgene waardoor jij tot leven komt.
Waar voel jij enthousiasme, energie, vuur?
Daar, precies daar, begint de inspiratie voor een bezielde bijdrage, in je werk én in je leven.

Wanneer ik dit onderwerp aansnijd, reageren mensen vaak met:
“Maar dan denk ik toch alleen aan mezelf? Is dat niet egoïstisch?”

Dat is begrijpelijk, maar het tegendeel is waar. Echte verbinding met anderen begint pas wanneer jij in contact bent met je eigen bron van levendigheid. Alleen dan kun je iets echts brengen.

Een voorbeeld uit de praktijk

Ik begeleidde eens een organisatieadviseur die steeds beter werd in zijn vak. Succes leek hem vooral te betekenen dat hij opdrachten binnenhaalde en zijn omzet groeide. Toch voelde hij dat hij het plezier kwijt was geraakt.
Toen hij promotie kon maken, twijfelde hij: “Is dit nu echt wat ik wil?”

We gingen onderzoeken waar zijn eigen energie zat. Het bleek dat hij avontuur en vrijheid miste. Jarenlang had hij geleerd om te presteren en te voldoen aan verwachtingen, wat volgens hem “de wereld nodig had”. Maar zijn eigen drijfveren, zijn speelsheid en plezier, waren op de achtergrond geraakt.

Langzaam begon hij dat te herstellen. Eerst privé, door letterlijk meer avontuur op te zoeken. En daarna ook in zijn werk, waar hij meer ruimte ging nemen om zichzelf te laten zien. De verandering die dat bracht was opmerkelijk: zijn werk kreeg weer glans, relaties met klanten verdiepten, en hij voelde zich opnieuw levend in wat hij deed.

Wat maakt jou levend?

Ask what makes you come alive – and go do it.
Het is eenvoudiger gezegd dan gedaan. Maar het begint bij eerlijkheid.
Waar verlang je écht naar? Wat laat je hart sneller kloppen?

Durf te spelen in je werk.
Breng humor, schoonheid, avontuur of stilte in wat je doet.
En bovenal: durf jezelf te volgen.

Want stel je eens voor dat kunstenaars als Leonard Cohen, Bach of Picasso alleen hadden gedaan wat ze dachten dat “de wereld nodig had”. We zouden veel minder schoonheid, troost en inspiratie kennen.

Howard Thurman was de spirituele mentor van onder andere Martin Luther King, iemand die juist door zijn innerlijke bezieling een wereldwijde impact had.

Tot slot

Wat mijzelf betreft: ook ik moet steeds opnieuw kijken hoe ik kan blijven spelen, ontdekken, muziek maken in wat ik doe.
En jij?
Hoe kun jij in je leven meer ruimte maken voor what makes you come alive?

Over Bureau De Poort

Bij Bureau De Poort begeleid ik mensen en teams in vragen rond loopbaanontwikkeling, zingeving, persoonlijk leiderschap en werkgeluk. Wil je onderzoeken wat jou écht levend maakt?
Je bent van harte welkom voor een kennismakingsgesprek.

Laat mij contact met je opnemen